Milan de WitMilan de Wit12:212 ‑ 3 min

ASIC wil strengere regels voor Australische cryptobeurzen

Je zet je munten op een beurs en gaat ervan uit dat ze daar veilig staan. Meestal klopt dat ook. Toch heeft de cryptowereld de afgelopen jaren laten zien wat er gebeurt als een platform omvalt en klanten ineens niet meer bij hun geld kunnen. In Australië wil de financiële toezichthouder voorkomen dat dat opnieuw gebeurt. ASIC heeft een pakket strengere regels voorgesteld voor cryptobeurzen, vlak voor een belangrijke licentiedeadline.

Wat stelt ASIC precies voor?

De Australian Securities and Investments Commission, kortweg ASIC, is vergelijkbaar met onze eigen AFM. De toezichthouder heeft een consultatiedocument over de nieuwe cryptowetgeving gepubliceerd. Daarin staat hoe ASIC de nieuwe wet in de praktijk wil invullen.

De voorstellen draaien om drie dingen. De digitale bezittingen van gebruikers moeten beter beschermd worden. De handel op cryptoplatforms moet eerlijker en ordelijker verlopen. En de toezichthouder wil voorkomen dat problemen in de cryptosector overslaan naar het bredere financiële systeem.

Een consultatie betekent dat het nog geen definitieve regels zijn. Beurzen, juristen en andere partijen mogen eerst reageren. Daarna beslist ASIC hoe de uiteindelijke standaarden eruitzien.

Waarom gaat het vooral om bewaring?

Bij een beurs heb je meestal geen zelfbeheerde wallet, waarbij je zelf de private keys en dus de volledige controle over je munten hebt. De beurs bewaart je crypto voor je. Dat heet custody, of bewaring.

Je kunt het vergelijken met een kluisje bij een bank. Jij hebt de bezittingen, maar iemand anders heeft de sleutel. Dat werkt prima, zolang die partij je spullen netjes gescheiden houdt van die van zichzelf. Gaat dat mis, zoals bij het bekende faillissement van FTX, dan sta je als klant achteraan in de rij.

Strengere eisen aan bewaring moeten dat risico verkleinen. Denk aan duidelijkere afspraken over hoe klantgeld wordt gescheiden en beveiligd, en wat er gebeurt als een platform in de problemen komt.

Een licentie wordt de toegangspoort

Australië brengt cryptoplatforms onder het bestaande stelsel van financiële vergunningen. Wie crypto wil aanbieden, moet straks dezelfde soort licentie hebben als een traditionele financiële dienstverlener. Dat zet de sector onder tijdsdruk: bedrijven moeten op tijd een aanvraag indienen, anders lopen ze het risico op handhaving.

Voor kleinere spelers kan dat zwaar zijn. Een vergunning vraagt om compliance-afdelingen, audits en kapitaal. Grote beurzen kunnen dat vaak wel dragen. Het gevolg kan zijn dat de markt zich verder concentreert rond een handvol grote namen.

Herkenbaar voor wie MiCA kent

Komt dit je bekend voor? Dat is niet zo vreemd. In Europa geldt sinds kort MiCA, de Europese cryptowet. Ook daar moeten beurzen een vergunning hebben en gelden er eisen voor de bewaring van klantgeld. Nederlandse gebruikers merken dat al: aanbieders hebben een MiCA-vergunning nodig om hier actief te blijven.

Australië volgt dus een route die wereldwijd steeds vaker wordt gekozen. Crypto wordt niet verboden, maar in hetzelfde regelkader gestopt als banken en brokers. Voor gebruikers betekent dat meer bescherming. Voor bedrijven betekent het meer kosten en papierwerk.

Wat staat er nog open?

De grote vraag is hoe streng de definitieve regels worden. Gaat ASIC na de reacties uit de sector een stap terug doen, of blijven de eisen zoals ze nu op papier staan? Dat bepaalt of Australische beurzen ruimte houden om te groeien of dat een deel van de kleinere aanbieders afhaakt.

Ook interessant is hoe internationale beurzen reageren. Wie in Australië actief wil blijven, moet zich aan de nieuwe standaarden aanpassen. Juist die partijen zijn vaak ook in Europa en de VS actief, waar vergelijkbare regels in opbouw zijn.


Delen

Voeg toe als voorkeursbron op Google

Gerelateerde artikelen