Waar eindigt de huidige berenmarkt in Bitcoin? Klassieke koershistorie wijst richting 35.000 dollar, maar drie on-chain indicatoren schetsen een ander beeld en plaatsen het dieptepunt dichter bij 44.000 dollar. Het verschil van bijna tienduizend dollar illustreert hoe onzeker de bodemvorming nog is.
Historie versus de blockchain
Analisten die naar eerdere cycli kijken, trekken lijnen door van vorige berenmarkten. Die patronen suggereren dat Bitcoin nog een laatste neerwaartse been voor de boeg heeft, met een bodem in de buurt van 35.000 dollar. Dat is de klassieke aanpak: het verleden als blauwdruk voor de toekomst.
On-chain data, de informatie die rechtstreeks van de blockchain komt, vertelt een genuanceerder verhaal. Drie afzonderlijke metrieken wijzen erop dat de verkoopdruk eerder uitgeput raakt, met een dieptepunt rond 44.000 dollar. Waar historische modellen naar de prijsgrafiek kijken, meten deze indicatoren wat houders daadwerkelijk doen met hun munten.
Wat on-chain indicatoren meten
On-chain metrieken kijken naar zaken als de gemiddelde inkoopprijs van munten, de winst of het verlies waarin houders zitten en of langetermijnbeleggers hun posities afbouwen of juist vasthouden. Die gegevens geven een indicatie van waar de structurele koperskracht ligt. Als grote groepen houders onder water zitten maar niet meer verkopen, droogt de verkoopdruk op en vormt zich vaak een bodem.
Het spanningsveld tussen beide benaderingen is typerend voor deze fase van de markt. Koershistorie is aantrekkelijk omdat het overzichtelijk is, maar elke cyclus verloopt anders. De toestroom van institutioneel kapitaal via spot-ETF’s heeft de marktstructuur veranderd, waardoor oude patronen minder betrouwbaar kunnen zijn.
Geen zekerheid over de bodem
Een bandbreedte van 35.000 tot 44.000 dollar laat vooral zien dat van een duidelijke bodem nog geen sprake is. Beide scenario’s gaan uit van een verdere daling ten opzichte van het niveau waar de markt de afgelopen periode omheen bewoog. Voor beleggers is het onderscheid tussen de twee ramingen minder relevant dan de gedeelde boodschap: het laatste neerwaartse been is mogelijk nog niet achter de rug.
Voorzichtigheid met stellige bodemvoorspellingen is op zijn plaats. On-chain modellen wijzen richtingen aan, maar ze zijn geen garantie. Externe factoren, van rentebesluiten tot geopolitieke schokken, kunnen het beeld snel doen kantelen. Wat de metrieken wel bieden, is een raamwerk om te beoordelen of verkopers uitgeput raken.
Waarom het onderscheid ertoe doet
Het debat raakt aan een fundamentele vraag: welk signaal weegt zwaarder, de prijs of het gedrag op de keten? Wie puur op historische koersniveaus vaart, mikt lager. Wie de blockchain als leidraad neemt, gaat uit van een minder diepe bodem. Zolang beide kampen uiteenlopen, blijft de markt zoekend.
Duidelijkheid komt pas als de indicatoren gaan convergeren of als de koers een van de niveaus daadwerkelijk test. Tot die tijd blijft het bij scenario’s. Een positieve week of een oplopende ETF-instroom kan het sentiment keren, maar één signaal maakt nog geen trendbreuk. De onderliggende vraag, waar de structurele kopers wachten, blijft voorlopig onbeantwoord.




