Sjoerd van der Meer20:232 ‑ 3 min

Vijf jaar Bitcoin in El Salvador: geen volksgeld, wel wereldnieuws

Vijf jaar geleden werd El Salvador het eerste land ter wereld dat Bitcoin tot wettig betaalmiddel verhief. De landelijke adoptie kwam nooit echt van de grond, maar het experiment zette Bitcoin wel definitief op de agenda van regeringen en centrale banken. Wat begon als een gewaagd politiek gebaar van president Nayib Bukele, groeide uit tot een casus waar economen, toezichthouders en beleggers nog steeds naar verwijzen.

De belofte van financiele inclusie

De ambitie was groot. Een groot deel van de Salvadoranen had geen bankrekening, en Bitcoin zou die groep in een klap toegang geven tot digitaal geld. De overheid rolde een eigen wallet uit, deelde tegoeden uit om mensen over de streep te trekken en beloofde snellere, goedkopere overmakingen vanuit het buitenland.

De praktijk pakte weerbarstiger uit. Onderzoek naar het gebruik liet keer op keer zien dat het merendeel van de bevolking na de eerste bonus nauwelijks nog met de wallet betaalde. De meeste transacties bleven in dollars lopen, de valuta die El Salvador al sinds 2001 gebruikt. Cijfers van de Wereldbank over financiele toegang tonen bovendien dat de sprong in bankgebruik die de regering hoopte, uitbleef.

Waarom de adoptie stokte

De redenen liggen voor de hand. Wie zijn loon in dollars ontvangt en zijn boodschappen in dollars afrekent, heeft weinig reden om over te stappen op een munt die op een dag fors kan dalen. Die volatiliteit maakt Bitcoin ongeschikt als dagelijks rekenmiddel voor huishoudens met weinig marge. Daarbij kwamen technische drempels en een gebrek aan vertrouwen in de overheidswallet.

De les is niet nieuw, maar wel scherp geïllustreerd. Een munt wordt geen betaalmiddel omdat een wet dat voorschrijft. Adoptie volgt gebruik, en gebruik volgt vertrouwen en gemak. Die volgorde liet zich in El Salvador niet omdraaien.

Onder druk van het IMF

Ook internationaal botste het experiment. Het Internationaal Monetair Fonds waarschuwde herhaaldelijk voor de financiele en juridische risico’s, en die druk speelde een rol toen El Salvador de wettelijke status van Bitcoin later weer afzwakte. Bedrijven werden niet langer verplicht de munt te accepteren. Het land bleef wel Bitcoin kopen voor zijn schatkist, meer als strategische reserve dan als betaalmiddel.

Die draai zegt iets over de speelruimte van kleinere economieën. Een land dat afhankelijk is van internationale kredietverstrekkers kan niet volledig zijn eigen monetaire koers varen. De symboliek bleef overeind, de verplichting sneuvelde.

Wat het experiment wel opleverde

Toch is het te makkelijk om El Salvador af te doen als mislukking. De stap dwong regeringen wereldwijd na te denken over de vraag hoe zij zich tot Bitcoin verhouden. Sindsdien schoven bedrijven, staatsfondsen en zelfs enkele overheden Bitcoin op als reserveactief, los van de vraag of burgers er hun brood mee kopen.

Voor de bredere markt is dat de kern. Het narratief verschoof van betaalmiddel naar waardeopslag, van dagelijkse munt naar digitaal reservevermogen. In Europa geeft de MiCA-regelgeving ondertussen een heel ander antwoord op dezelfde vraag: reguleren en inkaderen in plaats van omarmen als wettig betaalmiddel. Van een breed gedragen model voor nationale Bitcoin-invoering is dan ook nog geen sprake. Wat El Salvador vooral bewees, is dat het gesprek niet meer weg te denken is.


Delen
Sjoerd van der Meer
Geschreven doorSjoerd van der Meer

Groninger en duurzaamheidsprofessional, gefascineerd door absolute schaarste. Volgt Bitcoin en goud op de voet als bescherming tegen inflatie en een onzeker financieel systeem.

Gerelateerde artikelen