Milan de Wit18:182 ‑ 3 min

Tether verdient 1,5 miljard, maar buffer voor USDT halveert

Een stablecoin voelt saai, en dat is precies de bedoeling. Je wilt dat een dollar een dollar blijft, ook als de markt om je heen op en neer stuitert. Tether, de uitgever van USDT, publiceerde deze week de cijfers over het tweede kwartaal van 2026. Op het eerste gezicht ziet het er sterk uit: dik anderhalf miljard dollar winst. Maar er zit een detail onder de motorkap dat de moeite waard is om even bij stil te staan.

Wat is er precies gebeurd?

Tether verdiende in het tweede kwartaal ongeveer 1,5 miljard dollar. Dat komt vooral doordat het bedrijf de reserves achter USDT belegt in zaken als kortlopend Amerikaans schuldpapier, dat nog altijd netjes rente oplevert. Zo lang mensen USDT vasthouden, verdient Tether op het geld dat eronder ligt. Dat is het businessmodel in een notendop.

Tegelijk kromp de buffer die USDT-houders beschermt met bijna de helft. De zogeheten overtollige reserves stonden eind juni op 4,11 miljard dollar, waar dat eerder nog een record van 8,23 miljard dollar was. Die cijfers komen uit de kwartaalcontrole die accountantskantoor BDO voor Tether opstelde.

Wat is die “buffer” eigenlijk?

Even in gewone taal. Voor elke USDT die in omloop is, hoort er minstens een dollar aan waarde tegenover te staan. Dat noem je gedekt. De overtollige reserve is het stukje dat er bovenop komt: extra kapitaal dat Tether achter de hand houdt voor als er iets tegenzit.

Je kunt het zien als een spaarpotje naast je vaste lasten. Je rekening klopt nog steeds, je hebt genoeg om alles te betalen, maar het buffertje voor tegenvallers is kleiner geworden. De controle van BDO bevestigt dat USDT nog altijd overgecollateraliseerd is, dus er staat meer dekking tegenover dan strikt nodig. Alleen is de extra marge dus geslonken.

Hoe kan de buffer krimpen terwijl er winst is?

Dat klinkt tegenstrijdig, maar het hangt samen met wat Tether met dat geld doet. Het bedrijf houdt niet alleen veilig schuldpapier aan, maar stapt de laatste jaren ook in minder liquide zaken, denk aan goud en aan investeringen in bedrijven en projecten. Zulke bezittingen tellen niet altijd volledig mee als directe buffer, ook al kunnen ze op papier waardevol zijn.

Kortom: er wordt volop verdiend, maar er wordt ook volop uitgezet. Het spaarpotje wordt deels omgezet in bredere investeringen. Dat kan slim zijn voor de lange termijn, maar het betekent wel dat de directe stootkussen-functie iets kleiner wordt.

Waarom dit voor jou relevant is

USDT is de grootste stablecoin ter wereld en fungeert als het smeermiddel van de crypto-markt. Heel veel handel op beurzen loopt via die munt, ook als je zelf nooit bewust USDT koopt. Als het vertrouwen in de dekking wankelt, voel je dat dus indirect door de hele markt heen.

Voor Europese gebruikers speelt daarnaast de MiCA-regelgeving mee. Die stelt strenge eisen aan stablecoins die binnen de EU worden aangeboden, onder meer op het gebied van reserves en transparantie. Meerdere beurzen pasten hun aanbod van USDT voor Europese klanten daarom al aan. De discussie over hoe stevig een buffer moet zijn, is dus niet alleen theorie.

Wat je hieruit kunt meenemen: een winstgevende stablecoin-uitgever is niet automatisch hetzelfde als een uitgever met een dikke, direct beschikbare buffer. Het loont om verder te kijken dan het winstcijfer en te letten op de kwaliteit van de dekking. Niet om in paniek te raken, want de munt blijft overgedekt, maar wel om te begrijpen waar de waarde precies zit die jouw digitale dollar overeind houdt.


Delen
Milan de Wit
Geschreven doorMilan de Wit

UX/UI Designer uit Utrecht met een scherp oog voor de macro-economie. Volgt de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van tech, crypto en blockchain op de voet.

Gerelateerde artikelen